
Go for Africa
Nienke en Sander niet bang voor bemoeizuchtige ouders
De reis
Op zondag 25 januari is het zover. Dan stappen liefst zeven studenten van Ter Aa in hun (tweedehands) auto richting Gambia in het kader van een nieuwe missie van Go for Africa. Over het ‘ritje’ doen ze welgeteld 22 dagen. Aansluitend gaan ze zeven weken stage lopen, redelijk gelijkmatig verdeeld over een periode in zowel Gambia als Senegal.
De zeven schieten evenals de 34 andere deelnemers in Badhoevedorp uit de startblokken. Om precies te zijn bij het Corendon Amsterdam Schiphol Airport Hotel waar ze worden uitgezwaaid door onder meer de ambassadeurs van Gambia en Senegal. Vandaaruit rijden ze via België, Luxemburg, Frankrijk, Spanje, Marokko, Westelijke Sahara, Mauritanië en Senegal naar het Gambiaanse Tanji, het eindpunt van de avontuurlijke roadtrip door tien landen. Een slordige 7500 kilometer bij elkaar. In het drukke vissersstadje wacht hen op het ritme van de djembé een warm welkom van de lokale bevolking. Alle vehikels, een kleine twintig occasions in totaal, worden uiteindelijk gedoneerd aan ziekenhuizen en andere medische voorzieningen en scholen in Gambia én Senegal.
De reis (van de meeste studenten) is te volgen op Polarsteps en Instagram
Interview: Chris Korsten
Twee jaar terug maakte de Helmondse student Nienke van der Meulen deel uit van de Go for Africa-karavaan richting Gambia. Dat is haar zo goed bevallen dat ze besloot nogmaals de stoute schoenen aan te trekken. Ditmaal reist ze met haar streek- en studiegenoot Sander Leenders uit Mariahout. Opmerkelijk detail: er gaan nóg twee familieleden mee.
„Wat ik de vorige keer allemaal wel niet heb meegemaakt, is met geen pen te beschrijven”, steekt Nienke(22) van wal. „Marokko was prachtig, maar Mauritanië heeft de meeste indruk op me gemaakt. Niet vanwege de schoonheid van het land, dat zeker niet. De armoedige situatie die ik er aantrof, was heftig. Tegelijkertijd zag ik veel veerkracht, onder andere in het verkeer: auto’s in een uitzonderlijk slechte conditie, die toch in staat bleken vooruit te komen. Dat soort ervaringen hebben mijn blik op de wereld verruimd!”
Tierelier
Tijdens de editie van 2024 reisde ze mee met het tweedehands Mercedesbusje van GfA-voorzitter Wim Buijsen en diens partner Miriam Bruls. De voornaamste reden was dat ze in haar eentje geen occasion had weten te bemachtigen. Dit keer geldt een ander scenario. De werkgever van de vader van Sander was zo behulpzaam een Volkswagen Crafter te doneren. De geboorte van team The Flying Dutch Crafters was een feit.
„Het is een vrolijk roodkleurig dieselbusje uit 2016 met slechts twee ton op de teller, dat rijdt als een tierelier. Het enige wat na de donatie nog moest gebeuren, was de rechterspiegel voorzien van nieuw glas. Als ‘extraatje’ hebben mijn vader en ik een stapelbed ingebouwd met behulp van planken. We hoeven daardoor niet in de ijskoude woestijn (min tien is mogelijk, red) en op enkele andere verlaten plekken in een tentje te liggen”, vertelt Sander(19) met samengeknepen ogen.
Samenwerking
De twee vierdejaars mechatronicastudenten kennen elkaar geruime tijd. „We hebben enkele keren samengewerkt. Da’s goed bevallen. Zo hebben we in het kader van onze opleiding een kaarsenmachine ontworpen én gerealiseerd”, vervolgt Sander. „De aanstaande reis mag je ook gerust beschouwen als een samenwerkingsvorm. Behalve goed op elkaar te letten, verdelen we de krachten op de weg.” Nienke knikt bevestigend, maar heeft wel een aanvullende opmerking in petto: „In principe kruipen we beurtelings achter het stuur. Vanwege de verkeerschaos is de kans groot dat ik in sommige gedeeltes van Marokko de ‘eer’ aan Sander gun, haha.”
Onderweg zullen ze af en toe twee bekende gezichten tegenkomen. De vader van Sander en de moeder van Nienke vormen namelijk het particuliere team Parents go Gambia.
Sander weer: „Dat óók zij meegaan, is min of meer een toevalligheid. Best grappig, moet ik zeggen. Nee, ben absoluut niet bang dat we op onze vingers worden gekeken. Bovendien opereren we een groot deel van het traject in aparte groepen. Onze bus is ingedeeld in groep ‘blauw’, die van hun in groep ‘oranje’.”
Teenslippers
Na aankomst blijven ze een week in Gambia. Ze brengen dan onder meer een oriënterend bezoek aan de Mingdaw-school in Farato waar ze mogelijk later stagelopen in de vorm van het verzorgen van een lesprogramma elektrotechniek. In week twee verplaatsen ze zich naar Sindian, een dorp in Zuid-Senegal. „Twee jaar geleden heb ik daar op de CFP-school ook stage gelopen. Bijzonder was dat we toen met de leerlingen op een hele diepe put een waterpomp hebben aangesloten. Voor zover ik begrepen heb, gaan we dit keer weer andere activiteiten ontplooien. Zoals lasles, met speciale aandacht voor de veiligheid. Geloof het of niet, het is ter plekke gebruikelijk om tijdens het lassen teenslippers te dragen…”, doet Nienke sidderend uit de doeken.
„Verder geven we onderricht over het gebruik van gereedschappen”, vult Sander aan. “Bijvoorbeeld: hoe zaag je met beleid, zonder al te moe te worden? Dit wordt de tweede keer dat ik voor de klas sta; vorig jaar op Tenerife was voor mij de primeur. Dit gehele avontuur staat straks als een huis op mijn CV, dáár ben ik heilig van overtuigd!”
Ron Gommans, manager techniekcentrum ǀ Brainport in Deurne, zal in de eerste week namens Ter AA in begeleidende zin de honneurs waarnemen. Docent Eelco Remmerswaal komt in de tweede week op bezoek, met in z’n kielzog BBL-student Olivier van Eldonk.
Twee jaar terug maakte de Helmondse student Nienke van der Meulen deel uit van de Go for Africa-karavaan richting Gambia. Dat is haar zo goed bevallen dat ze besloot nogmaals de stoute schoenen aan te trekken. Ditmaal reist ze met haar streek- en studiegenoot Sander Leenders uit Mariahout. Opmerkelijk detail: er gaan nóg twee familieleden mee.
„Wat ik de vorige keer allemaal wel niet heb meegemaakt, is met geen pen te beschrijven”, steekt Nienke(22) van wal. „Marokko was prachtig, maar Mauritanië heeft de meeste indruk op me gemaakt. Niet vanwege de schoonheid van het land, dat zeker niet. De armoedige situatie die ik er aantrof, was heftig. Tegelijkertijd zag ik veel veerkracht, onder andere in het verkeer: auto’s in een uitzonderlijk slechte conditie, die toch in staat bleken vooruit te komen. Dat soort ervaringen hebben mijn blik op de wereld verruimd!”
Tierelier
Tijdens de editie van 2024 reisde ze mee met het tweedehands Mercedesbusje van GfA-voorzitter Wim Buijsen en diens partner Miriam Bruls. De voornaamste reden was dat ze in haar eentje geen occasion had weten te bemachtigen. Dit keer geldt een ander scenario. De werkgever van de vader van Sander was zo behulpzaam een Volkswagen Crafter te doneren. De geboorte van team The Flying Dutch Crafters was een feit.
„Het is een vrolijk roodkleurig dieselbusje uit 2016 met slechts twee ton op de teller, dat rijdt als een tierelier. Het enige wat na de donatie nog moest gebeuren, was de rechterspiegel voorzien van nieuw glas. Als ‘extraatje’ hebben mijn vader en ik een stapelbed ingebouwd met behulp van planken. We hoeven daardoor niet in de ijskoude woestijn (min tien is mogelijk, red) en op enkele andere verlaten plekken in een tentje te liggen”, vertelt Sander(19) met samengeknepen ogen.
Samenwerking
De twee vierdejaars mechatronicastudenten kennen elkaar geruime tijd. „We hebben enkele keren samengewerkt. Da’s goed bevallen. Zo hebben we in het kader van onze opleiding een kaarsenmachine ontworpen én gerealiseerd”, vervolgt Sander. „De aanstaande reis mag je ook gerust beschouwen als een samenwerkingsvorm. Behalve goed op elkaar te letten, verdelen we de krachten op de weg.” Nienke knikt bevestigend, maar heeft wel een aanvullende opmerking in petto: „In principe kruipen we beurtelings achter het stuur. Vanwege de verkeerschaos is de kans groot dat ik in sommige gedeeltes van Marokko de ‘eer’ aan Sander gun, haha.”
Onderweg zullen ze af en toe twee bekende gezichten tegenkomen. De vader van Sander en de moeder van Nienke vormen namelijk het particuliere team Parents go Gambia.
Sander weer: „Dat óók zij meegaan, is min of meer een toevalligheid. Best grappig, moet ik zeggen. Nee, ben absoluut niet bang dat we op onze vingers worden gekeken. Bovendien opereren we een groot deel van het traject in aparte groepen. Onze bus is ingedeeld in groep ‘blauw’, die van hun in groep ‘oranje’.”
Teenslippers
Na aankomst blijven ze een week in Gambia. Ze brengen dan onder meer een oriënterend bezoek aan de Mingdaw-school in Farato waar ze mogelijk later stagelopen in de vorm van het verzorgen van een lesprogramma elektrotechniek. In week twee verplaatsen ze zich naar Sindian, een dorp in Zuid-Senegal. „Twee jaar geleden heb ik daar op de CFP-school ook stage gelopen. Bijzonder was dat we toen met de leerlingen op een hele diepe put een waterpomp hebben aangesloten. Voor zover ik begrepen heb, gaan we dit keer weer andere activiteiten ontplooien. Zoals lasles, met speciale aandacht voor de veiligheid. Geloof het of niet, het is ter plekke gebruikelijk om tijdens het lassen teenslippers te dragen…”, doet Nienke sidderend uit de doeken.
„Verder geven we onderricht over het gebruik van gereedschappen”, vult Sander aan. “Bijvoorbeeld: hoe zaag je met beleid, zonder al te moe te worden? Dit wordt de tweede keer dat ik voor de klas sta; vorig jaar op Tenerife was voor mij de primeur. Dit gehele avontuur staat straks als een huis op mijn CV, dáár ben ik heilig van overtuigd!”
Ron Gommans, manager techniekcentrum ǀ Brainport in Deurne, zal in de eerste week namens Ter AA in begeleidende zin de honneurs waarnemen. Docent Eelco Remmerswaal komt in de tweede week op bezoek, met in z’n kielzog BBL-student Olivier van Eldonk.
