
Go for Africa
Nienke en Sander niet bang om buiten hun comfortzone te treden
Ze zijn een ervaring rijker. Nienke van der Meulen en Sander Leenders, twee mechatronica-studenten van Ter AA, kijken met warme gevoelens én gepaste trots terug op hun deelname aan de jongste editie van Go for Africa. Net als vijf anderen van de opleiding hebben ze het voor elkaar gebokst een occasion naar Gambia te rijden, om die vervolgens te doneren aan een goed doel. Later stonden twee opeenvolgende stages op de rol.
„Hé, je bent er weer!” Die opmerking heeft Nienke(22) de afgelopen periode op meerdere (overnachtings)plaatsen te horen gekregen. Twee jaar geleden, toen ze in Helmond nog de opleiding Eerste Monteur Mechatronica op niveau 3 deed, reisde ze ook al mee met de GfA-colonne naar West-Afrika. Het avontuur maakte destijds zovéél indruk, dat ze nu besloot als (vierdejaars) student van de opleiding Technicus Engineering Mechatronica op niveau 4 op ‘herhaling’ te gaan.
Blijvende impact
„Het afwisselende karakter van dit stoere avontuur door negen landen in combinatie met diverse leerdoelen en alle positiviteit eromheen hebben me ertoe bewogen dit geintje opnieuw te omarmen”, luidt haar uitgebreide toelichting.
„Dat de gehele onderneming gericht is om een blijvende impact in Gambia en Senegal achter te laten, was een extra stimulans. Je doneert een auto, maar brengt tevens kennis naar de Afrikaanse studenten aan wie je lesgeeft. Omgekeerd geven dezelfde studenten hún kennis door aan jou, waardoor een kruisbestuiving plaatsvindt. Verder interessant om te weten is dat elk voertuig dat na verloop van tijd ‘op’ is, altijd nog kan dienen als lesmodel op de scholen.”
Opvallende verschijning
Samen met haar klas- en streekgenoot Sander(19) vormde ze ditmaal een team dat de heroïek klinkende naam The Flying Dutch Crafters aannam. „Ons rode busje –een Volkswagen Crafter uit 2016- was vanwege z’n kleur en omvang een opvallend ding op de weg. We hadden dan ook redelijk wat bekijks, vooral van kinderen”, doet Sander uit de doeken.
Een groot deel van het circa 7500 kilometer lange traject zat hij achter het stuur van het busje, dat bij helder weer al van mijlenver zichtbaar was.
‘Lopend buffet’
„Het rijden was geregeld een uitdaging. Gaten, kuilen, grove steenslag, grind, dat kom je normaal niet tegen. Uiteraard hebben we ook te maken gehad met ‘gewoon’ asfalt, van een goede en minder goede kwaliteit. Door dit alles durf ik gerust te beweren dat mijn rijvaardigheid is opgekrikt. Of ik onderweg heb moeten remmen voor een geit of andere dier? Nee, dat niet. In een ‘lopend buffet’ had ik sowieso weinig trek”, reageert Sander gevat.
„Haha, scheelt dat Nienke me zo nu en dan heeft ‘bijgevoederd’, los van de dagelijkse maaltijden. Meestal aten we in een restaurant of andere eetgelegenheid; een paar keer hebben we zelf macaroni gemaakt. Kleine correctie: mijn rol beperkte zich eerlijk gezegd tot het koken van water…”
Herkenbare plekken
De roadtrip verliep vrijwel vlekkeloos voor het duo. „Géén autopech”, vervolgt Sander. „Het enige wat we op dit vlak kunnen melden is dat er op het laatst een lampje ging branden, een signaal dat er stiekem flink wat vuil in de katalysator was gekropen.”
Nienke weer: „Ik heb veel herkenbare plekken gezien, de eentonigheid van sommige stukken woestijn even buiten beschouwing gelaten. De slaapplaatsen daarentegen waren lang niet altijd hetzelfde als de vorige keer. Alles bij elkaar opgeteld vond ik de reis nóg leuker dan in 2024.”
Contacten
„Allereerst is dat te danken aan Sander”, benadrukt ze. „We kennen elkaar een hele poos, maar onze vriendschap is tijdens de reis duidelijk gegroeid. De contacten met reisgenoten van andere teams waren óók prima. Ik had een betere band met iedereen.”
Dit laatste is volgens haar deels te verklaren doordat ze zichzelf in de tussentijd verder heeft ontwikkeld. „Ik heb méér zelfvertrouwen gekregen en ben tegelijkertijd ‘socialer’ geworden. Ik neem eerder initiatieven en loop sneller op anderen af dan voorheen.”
Het toeval wilde dat de vader van Sander en de moeder van Nienke eveneens deelnamen aan de expeditie. Een gegeven dat beide Flying Dutch Crafters vanwege de goede onderlinge verhoudingen louter als meerwaarde hebben ervaren, zonder zich ‘gecontroleerd’ te hebben gevoeld door hun ouders.
Miscommunicatie
Na aankomst in Tanji waren enkele rustdagen ingepland, alvorens hun stageperiode in Zuid-Senegal aanving.
„Het oorspronkelijke plan was dat om eerst een paar weken stage te lopen in Sindian, het dorp waar ik twee jaar terug met plaatselijke studenten onder andere een waterpomp heb aangesloten op een put. Het plan ging uiteindelijk niet door vanwege een miscommunicatie. We zijn in Baïla, een ander dorp in de Casamance, aan de slag gegaan”, verduidelijkt Nienke.
Ter plekke vonden ze aansluiting bij een project dat hun studiegenoten Daan van de Westerlo en Guus Aben al op gang hadden gebracht. De Senegalese studenten kregen onder begeleiding van het viertal van Ter AA de opdracht een reeks haakse klemmen van staal te verwezenlijken.
Comfortzone
Inmiddels bevinden Sander en Nienke zich weer in Gambia waar ze op de Mingdaw-school in Farato opnieuw voor de klas staan. Niet op hun eigen vertrouwde terrein, maar verrassend genoeg op het gebied van autotechniek.
Nienke tot slot: „Bivakkeren buiten je comfortzone kan meestal geen kwaad. Inhoudelijk is het ook best leerzaam.”
De lessen geven ze samen met Kayleigh Oberink, een reisgenoot die op het Mondriaan College in Den Haag een specifieke opleiding tot automonteur volgt. „Onder haar hoede hoeven we niet bang te zijn dat we in het diepe worden gegooid.”
